UWV moet 250 euro ‘AVG schadevergoeding’ betalen aan ex-werkneemster

Eerder dit jaar betaalde gemeente Deventer 500 euro schadevergoeding aan een man wiens gegevens waren doorgestuurd naar tientallen andere gemeentes. Hoewel volgens ons niet per se een doorbraak, was het wel de eerste keer dat een civiele rechter schadevergoeding toekende aan een individu op grond van de  AVG. Volgens velen opende dat de deuren voor meer AVG-claims onder het regime van de AVG. En dat blijkt inderdaad het geval te zijn. Ditmaal is het UWV aan de beurt. In deze blog lees je alles over deze zaak.

Civiele rechter
Onder de AVG kunnen bedrijven en organisaties geconfronteerd worden met torenhoge boetes. De AVG biedt echter ook mogelijkheden voor individuele burgers om schade te verhalen bij een organisatie of bedrijf die onzorgvuldig met hun persoonsgegevens zijn omgegaan. Een burger klopt dan niet aan bij de Autoriteit Persoonsgegevens, maar bij de civiele rechter. Dat deed ook een ex-werkneemster van een bedrijf. En (wederom) met succes: het UWV moet de ex-werkneemster een bedrag van 250,00 euro betalen.

Burn-out
Een werkneemster van bij een niet nader genoemd bedrijf (hierna: werkgever 1) was voor een langere tijd arbeidsongeschikt geraakt vanwege een burn-out. Het UWV betaalt als risicodrager een arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de werkneemster. Het UWV had de werkneemster per brief na een jaar medegedeeld dat zij volgens de gegevens van het UWV bijna een jaar ziek is. Ook stond in de brief dat werkneemster, indien weer hersteld en aan het werk, zich niet beter hoefde te melden bij het UWV. De ex-werkneemster van het UWV ging kort na deze brief fulltime aan de slag bij een nieuwe werkgever op basis van een jaarcontract (hierna: werkgever 2). Werkgever 2 ontving bijna een jaar na indiensttreding van werkneemster een attenderingsbrief van het UWV met de volgende inhoud:

“Uw werknemer, mevrouw [eiseres] , met Burgerservicenummer (…), is langer dan anderhalf jaar ziek. Uw werknemer kan binnenkort een WIA-uitkering aanvragen. In deze brief leest u wat u en uw werknemer voor die tijd nog moeten doen.”

Werkgever 2 was echter niet op de hoogte van het langdurig ziek zijn van haar kersverse werkneemster. Bovendien moest het binnenkort beslissen voor een eventuele verlenging. Het UWV bekent schuld en gaf aan dat de attenderingsbrief eigenlijk werkgever 1 had moeten bereiken. Werkneemster laat het hier echter niet bij zitten en stapt naar de rechter.

Schadevergoeding
Volgens werkneemster heeft het UWV onrechtmatig gehandeld jegens haar. Zij vordert dan ook een schadevergoeding ter hoogte van 500 euro. Zij meent dat haar recht op de eerbiediging van haar persoonlijke levenssfeer is geschonden, alsmede haar recht op gegevensbescherming. Hetgeen volgens de werkneemster een onrechtmatige daad oplevert. Het feit dat haar recht op gegevensbescherming is geschonden, wordt extra ondersteunt nu het UWV meerdere bepalingen uit de AVG heeft geschonden volgens eiser. In dit verband noemt zij het feit dat het UWV onvoldoende beveiligingsmaatregelen heeft getroffen om de gegevens van haar veilig te stellen.

Verweer
Het UWV erkent weliswaar dat de brief niet aan werkgever 2 had moeten worden gestuurd, maar schermt met het feit dat werkgever 1 werkneemster beter had moeten melden. Het UWV legt uit dat de attenderingsbrief geautomatiseerd word verstuurd, en dat er geen sprake is van een nacontrole door een medewerker. Volgens het UWV een omstandigheid die haar niet te verwijten valt. Daarnaast betwist het UWV dat er sprake is van ‘schade’. Het arbeidscontract van werkneemster bij werkgever 2 is namelijk gewoon verlengd. Volgens het UWV is de veroorzaakte stress hierbij geen reden voor schadevergoeding. Zeker nu de brief geen informatie gaf over haar ziekte. In de brief staat slechts dat werkneemster langdurig ziek is geweest.

Uitspraak
De rechter gaat niet mee met het gevoerde verweer van het UWV. Volgens de rechter valt het het UWV wel degelijk aan te rekenen dat de geautomatiseerde systemen verantwoordelijk zijn voor het verkeerd verzenden van de brief:

‘’Het feit dat daaraan kennelijk geen bewuste keuze ten grondslag ligt maar het gevolg is van wijze waarop UWV haar geautomatiseerde systemen heeft ingericht vormt geen verzachtende omstandigheid. In tegendeel: het feit dat UWV haar systemen kennelijk zo heeft ingericht dat het voor haar (medewerkers) niet mogelijk is (enkele bijzondere gevallen daargelaten) om vooraf een controle uit te oefenen alvorens mededeling wordt gedaan over de gezondheidstoestand van een werknemer aan derden, vormt een extra reden om de bovenbedoelde onrechtmatige gedraging aan UWV toe te rekenen.’’

De rechter meent dan ook dat het UWV geen passende maatregelen heeft getroffen om onrechtmatige verstrekking tegen te gaan. Hier doelt zij op een menselijke nacontrole. Ook gaat de rechter niet mee met het verweer van het UWV dat de gebeurtenis geen aanleiding geeft tot schadevergoeding. Volgens de rechter moet het schadebegrip uit de AVG, blijkens de considerans van de verordening, namelijk ruim worden opgevat. Volgens de rechter is het voldoende om aan te tonen dat er sprake is van reëel en niet verwaarloosbare nadelen die het gevolg zijn van de schending. Op drie punten meent de rechter dat er hier sprake kan zijn van schade:

  1. Tegen de wil van [eiseres] hebben derden (namelijk de leidinggevenden en bepaalde medewerkers van de nieuwe werkgever) kennis gekregen van de ziekte van [eiseres];
  2. Omdat de betreffende mededeling is gedaan in een periode waarin de nieuwe werkgever moest beslissen over het al dan niet verlengen van de arbeidsovereenkomst van [eiseres] is het risico dat die overeenkomst niet zou worden verlengd vergroot;
  3. De hiervoor onder A. en B. bedoelde omstandigheden hebben bij [eiseres] angst en stress veroorzaakt waarvan de ernst negatief is beïnvloed door het feit dat zij niet lang daarvoor een burn-out heeft gehad.

De rechter vindt dat werkneemster op punt 1 onherstelbare schade heeft geleden. De schade op punt twee heeft zich uiteindelijk niet verwezenlijkt en de schade genoemd in punt drie was in tijd beperkt.

Op basis van de het geleden nadeel meent de rechter dat werkneemster wel degelijk in aanmerking komt voor een schadevergoeding. Het geëiste bedrag wordt wel gehalveerd: de rechter meent dat dit passend is nu de geleden stress in tijd was beperkt.

Implicaties
De drempel voor het opleggen van een materiele schadevergoeding op grond van de AVG wordt betrekkelijk laag gelegd. Geleden schade hoeft niet gematerialiseerd te worden op een aan te tonen bedrag. En dat is best bijzonder; de lat voor immateriële schadevergoeding bij bijvoorbeeld letselschade ligt betrekkelijk hoog (schokschade). Hoewel de toegewezen schade bij deze zaak, maar ook in de zaak die speelde tegen de Gemeente Deventer geen schrikbarende bedragen worden uitgekeerd, opent het toch deuren voor een speciaal soort zaken. Eén keer 250 euro betalen is meestal geen ramp voor een organisatie, maar duizenden malen dat bedrag is al veel vervelender.

De aangenomen Wet Afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA) maakt zulke zaken heel denkbaar. Via deze aankomende wet  in combinatie met artikel 80 AVG wordt het mogelijk voor getroffen burgers om zich bij schade aan te sluiten bij een belangenorganisatie die namens de getroffenen procedeert. Dat zal dan de Nederlandse variant van de Amerikaanse ‘class action’ worden. Het is denkbaar dat bedrijven hier commercieel op inspringen. De angst is dat er op deze manier een claimcultuur ontstaat.

Terug naar overzicht